Overslaan naar inhoud

CANopen encoders: werking, integratie en selectie voor machinebouw

14 september 2026 in
CANopen encoders: werking, integratie en selectie voor machinebouw
Miki Nabben
CAN-bus & absolute positiefeedback

CANopen encoders: werking, integratie en selectie voor machinebouw

Een CANopen encoder combineert absolute positiemeting met communicatie over een CAN-gebaseerd industrieel netwerk. Voor een betrouwbare toepassing moet echter meer worden beoordeeld dan alleen het woord CANopen op de datasheet.

In deze technische gids behandelen we CiA 301 en CiA 406, PDO en SDO, Node-ID, baudrate, scaling, singleturn en multiturn, bekabeling, inbedrijfstelling en het vervangen van bestaande CANopen encoders.

Absolute CANopen encoders voor industriële machinebouw
CANopen is de communicatie-interface; mechanica, resolutie en encoderfunctie blijven minstens zo belangrijk.
CANopen encoder aanvragen

Een encoder selecteren of vervangen?

Stuur uw vraag, typenummer of beschikbare technische informatie direct door.

Optioneel. Voeg bijvoorbeeld een foto van het typeplaatje, datasheet of bestaande tekening toe.
Verstuur aanvraag Door te verzenden gaat u akkoord met ons privacybeleid .

Bij een eenvoudige incrementele encoder ontvangt een besturing meestal pulsen. Een absolute CANopen encoder kan daarentegen een absolute positiewaarde als digitaal netwerkdevice beschikbaar maken. Afhankelijk van encoder en implementatie kunnen daarnaast parameters, snelheid, statusinformatie en diagnosegegevens worden uitgewisseld.

Toch is CANopen alleen geen volledige encoderspecificatie. Voor een betrouwbare selectie zijn ook encoderprincipe, singleturn of multiturn, resolutie, asconstructie, flens, voeding, connectoren, omgeving en de configuratie van het bestaande CANopen-netwerk bepalend. Bekijk voor de basis ook het overzicht met industriële encoders .

Basis

Wat is een CANopen encoder?

Een encoder meet een mechanische positie of beweging en zet deze om in elektrische of digitale informatie. Bij een CANopen encoder wordt de relevante informatie via een CANopen-netwerk naar een PLC, controller, drive of andere besturing verzonden.

CANopen gebruikt CAN als communicatielaag, maar voegt daar gestandaardiseerde afspraken aan toe voor apparaatcommunicatie, procesdata, parametrering, netwerkmanagement en diagnose.

CANopen is geen meetprincipe.

Een CANopen encoder kan bijvoorbeeld magnetisch of optisch meten. CANopen beschrijft de communicatie met de besturing, niet het fysieke meetprincipe waarmee de positie wordt bepaald.

Communicatiearchitectuur

Wat is het verschil tussen CAN en CANopen?

De termen CAN en CANopen worden in de praktijk regelmatig door elkaar gebruikt, maar betekenen niet hetzelfde. CAN verzorgt de basis voor communicatie over de bus. CANopen definieert daarboven hoe apparaten zich binnen het netwerk gedragen en hoe gegevens worden georganiseerd.

Fysieke CAN-bus

De elektrische verbinding tussen de verschillende nodes, inclusief CAN High, CAN Low en correcte busterminatie.

CAN-communicatie

CAN verzorgt de uitwisseling van berichten tussen de aangesloten apparaten.

CANopen

CANopen voegt apparaatprofielen, Object Dictionary, PDO's, SDO's, netwerkmanagement en gestandaardiseerde configuratie toe.

De vermelding CAN op een apparaat is daarom niet automatisch voldoende om te concluderen dat het apparaat CANopen ondersteunt.

Absolute encoder voor CANopen positiemeting
Absolute positie

Waarom wordt CANopen vaak met absolute encoders gecombineerd?

Bij een absolute encoder hoort bij iedere ondersteunde mechanische positie een digitale positiewaarde. De besturing hoeft daardoor niet uitsluitend pulsen vanaf een nulpunt op te tellen om de actuele positie te bepalen.

Dit maakt absolute encoders interessant voor machines waarbij de positie na het inschakelen direct bekend moet zijn of waarbij opnieuw refereren ongewenst is.

Via CANopen kan de absolute positiewaarde als procesdata aan de besturing beschikbaar worden gesteld. Afhankelijk van de encoder kunnen daarnaast aanvullende parameters, snelheid en diagnose-informatie beschikbaar zijn.

Bekijk ook de absolute encoders voor positiemeting .

Meetbereik

Singleturn of multiturn CANopen encoder?

Een singleturn absolute encoder bepaalt de unieke hoekpositie binnen één volledige omwenteling. Na 360 graden begint het hoekbereik opnieuw.

Een multiturn absolute encoder registreert naast de hoek binnen één omwenteling ook de positie over meerdere omwentelingen. Daarmee kan bijvoorbeeld de positie van een lift, lier, spindel, opslagmachine of lineaire as worden bepaald.

Singleturn Absolute hoekpositie binnen één omwenteling.
Multiturn Positie over meerdere volledige omwentelingen.
CANopen Digitale communicatie met de besturing.
Digitale resolutie

Hoeveel encoderresolutie is nodig?

De singleturnresolutie van een absolute encoder wordt vaak uitgedrukt in bits. Een 16-bit encoder verdeelt één omwenteling theoretisch in 216 = 65.536 digitale stappen.

16 bit singleturn
65.536 stappen per omwenteling
≈ 0,0055° per digitale stap

Een hogere resolutie betekent niet automatisch een hogere absolute nauwkeurigheid. Speling, koppelingen, lagering, uitlijning, elasticiteit en de machineconstructie beïnvloeden eveneens de uiteindelijke positienauwkeurigheid.

CANopen profielen

Wat betekenen CiA 301 en CiA 406?

Bij CANopen encoders worden regelmatig verwijzingen naar CiA 301 en CiA 406 aangetroffen.

CiA 301

CiA 301 vormt de basis van CANopen-communicatie en beschrijft onder andere netwerkmanagement, PDO's, SDO's en de algemene structuur van het Object Dictionary.

CiA 406

CiA 406 is een device profile voor encoders en beschrijft gestandaardiseerde encoderfuncties binnen CANopen.

Hetzelfde profiel betekent niet automatisch één-op-één vervanging.

Twee encoders kunnen beide CiA 406 ondersteunen maar toch verschillen in mechanica, resolutie, objectimplementatie, configuratie, connectoren of PDO-layout.

Datamodel

Wat is het CANopen Object Dictionary?

Het Object Dictionary is de gestructureerde verzameling communicatieparameters, apparaatparameters en waarden die binnen een CANopen-device beschikbaar zijn.

Bij een encoder kunnen hierin bijvoorbeeld positie, scaling, preset, snelheid en andere encoderfuncties aanwezig zijn.

Bij vervanging is het daarom verstandig niet alleen naar het woord CANopen te kijken, maar ook naar de objecten die de bestaande PLC of controller gebruikt.

Procesdata & configuratie

PDO en SDO: wat is het verschil?

Twee belangrijke begrippen binnen CANopen zijn PDO en SDO.

Onderdeel PDO SDO Typisch gebruik Praktische betekenis
Volledige naam Process Data Object Service Data Object Procesdata versus configuratie Verschillende communicatiedoelen
Encoder Bijvoorbeeld actuele positie Bijvoorbeeld parameterinstelling Meten versus configureren Implementatie is deviceafhankelijk

Transmit PDO

Wanneer een encoder informatie naar andere CANopen-nodes verzendt, wordt hiervoor doorgaans een Transmit PDO gebruikt.

Synchrone of asynchrone overdracht

PDO's kunnen afhankelijk van device en configuratie bijvoorbeeld synchroon of eventgestuurd worden verzonden.

Netwerkconfiguratie

Node-ID en baudrate van een CANopen encoder

Iedere CANopen-node moet correct in het netwerk worden geconfigureerd. Twee belangrijke parameters zijn de Node-ID en de baudrate.

Node-ID

Met de Node-ID wordt een apparaat binnen het CANopen-netwerk geïdentificeerd.

Baudrate

Alle apparaten op hetzelfde CAN-netwerk moeten met een compatibele communicatiesnelheid werken.

Voorbeeld Wachendorff WDGA CANopen

Binnen de Wachendorff WDGA CANopen-serie worden afhankelijk van uitvoering Node-ID's binnen het CANopen-bereik ondersteund en baudrates van 10 kBaud tot 1 MBaud. Controleer bij een concreet apparaat altijd de actuele datasheet en configuratie.

Inbedrijfstelling

Wat is LSS bij CANopen?

LSS staat voor Layer Setting Services en kan worden gebruikt om ondersteunde CANopen-apparaten op netwerkniveau te configureren.

01
Encoder aansluiten

Controleer voeding, CAN High, CAN Low, afscherming en terminatie.

02
Netwerkparameters controleren

Controleer Node-ID en baudrate.

03
Device configureren

Configureer waar nodig via LSS, SDO of fabrikantsoftware.

04
Procesdata controleren

Controleer PDO-layout, positiewaarde en datatype.

05
Machinefunctie testen

Controleer richting, scaling, preset en bereik.

Diagnostiek

Heartbeat en Node Guarding

In een industrieel netwerk is niet alleen de positiewaarde belangrijk. De besturing moet vaak ook kunnen bepalen of een device nog actief en bereikbaar is.

CANopen biedt hiervoor mechanismen zoals Heartbeat. Node Guarding komt eveneens voor in CANopen-systemen.

Positie Primaire encoderproceswaarde.
Status Ondersteunt bewaking van het device.
Diagnose Kan storingzoeken vereenvoudigen.
Machine-eenheden

Preset, draairichting en scaling

Preset

Met een presetfunctie kan de actuele mechanische positie, wanneer ondersteund, aan een gewenste digitale positiewaarde worden gekoppeld.

Scaling

De digitale encoderwaarde kan worden omgerekend naar bijvoorbeeld graden, millimeters of meters.

Encoderwaarde → mechanische verhouding → machinepositie

Bij een spindel bepaalt de spoed bijvoorbeeld hoeveel millimeter één omwenteling vertegenwoordigt.

Controleer ook de draairichting. Een mechanisch correct gemonteerde encoder kan een tegengestelde positieve telrichting hebben ten opzichte van wat de PLC verwacht.

CAN-bus

CANopen bekabeling en 120 Ω terminatie

Een CANopen encoder kan alleen betrouwbaar communiceren wanneer de fysieke CAN-bus correct is opgebouwd.

Aan beide uiteinden van een relevant CAN-bussegment wordt doorgaans een 120 Ω afsluitweerstand toegepast.

CAN High
CAN Low
voedingsspanning
120 Ω terminatie
afscherming
Node-ID
baudrate
connector / pinout
busstructuur
Mechanische selectie

CANopen-compatible betekent nog niet mechanisch passend

Een encoder kan communicatietechnisch passen maar mechanisch toch ongeschikt zijn.

Controleer daarom onder andere asdiameter, asuitvoering, flens, bouwlengte, montagepunten en mechanische belasting.

massieve of holle as
asdiameter
flens
bouwlengte
montagepunten
koppeling
radiale belasting
axiale belasting
maximaal toerental
Interfacekeuze

CANopen vergelijken met andere encoderinterfaces

CANopen is niet automatisch beter of slechter dan een andere encoderinterface. De beste keuze volgt uit de machinearchitectuur, besturing en benodigde data.

CANopen versus PROFINET

CANopen is CAN-gebaseerd. PROFINET is Ethernet-gebaseerd en past goed bij machines die al rond een PROFINET-architectuur zijn opgebouwd. Lees ook onze gids over PROFINET encoders .

CANopen versus SSI

SSI is een point-to-point-interface. CANopen maakt de encoder onderdeel van een netwerk en biedt meer mogelijkheden voor apparaatcommunicatie en parametrering.

CANopen versus incrementeel

Een incrementele encoder kan eenvoudiger en economischer zijn wanneer alleen snelheid of relatieve beweging nodig is.

CANopen versus EtherCAT

De beste keuze wordt vooral bepaald door het gebruikte besturings- en netwerkconcept van de machine.

Machinebouw

Typische toepassingen van CANopen encoders

Mobiele machine

Positiefeedback.

Absolute positie via een CAN-gebaseerde machinearchitectuur.

Kraan en lier

Multiturn positie.

Relevant bij beweging over meerdere asomwentelingen.

Intralogistiek

Lift of shuttle.

Absolute positie voor handling- en opslagsystemen.

Verpakkingsmachine

Formaatverstelling.

Directe absolute positie kan opnieuw refereren beperken.

Machine-as

Absolute rotatiepositie.

Positie beschikbaar als digitale procesdata.

Retrofit

Bestaande encoder vervangen.

Een bestaande CANopen encoder vergelijken met een passend alternatief.

Praktijkvoorbeeld

Voorbeeld: Wachendorff WDGA CANopen absolute encoder

Een voorbeeld binnen het assortiment is de Wachendorff WDGA 58B CANopen .

Wachendorff WDGA 58B CANopen

De onderstaande kenmerken zijn productspecifiek en moeten altijd met de actuele uitvoering en datasheet worden gecontroleerd.

Protocol CANopen
Basis CiA 301
Encoderprofiel CiA 406
Singleturn tot 16 bit
Configuratie LSS / SDO
Netwerkbewaking Heartbeat
Retrofit & second source

Een bestaande CANopen encoder vervangen

Bij retrofit is dezelfde interface alleen niet voldoende. Twee CANopen encoders zijn niet automatisch één-op-één uitwisselbaar.

Mechanisch controleren

  • massieve of holle as;
  • asdiameter;
  • flens en montagepunten;
  • bouwlengte;
  • koppeling of koppelsteun;
  • maximaal toerental.

Elektrisch controleren

  • voedingsspanning;
  • connector;
  • pinout;
  • CAN High en CAN Low;
  • terminatie.

CANopen-configuratie controleren

  • Node-ID;
  • baudrate;
  • CiA-profiel;
  • Object Dictionary;
  • PDO-mapping;
  • SDO-parameters.

Bekijk voor vervanging ook retrofit & vervanging of lees onze gids over het vervangen van een bestaande encoder .

Selectie

Checklist voor een CANopen encoder

singleturn / multiturn
resolutie
meetbereik
Node-ID
baudrate
PDO-configuratie
SDO-parameters
asdiameter
flens
voedingsspanning
connector
IP-klasse
Veelgemaakte fouten

Waar gaat CANopen encoderselectie vaak mis?

Alleen CANopen vergelijken.
Mechanica en configuratie worden niet gecontroleerd.
Verkeerde Node-ID.
De encoder communiceert niet zoals verwacht.
Verkeerde baudrate.
De nodes communiceren niet op dezelfde snelheid.
PDO-mapping niet gecontroleerd.
De PLC verwacht de procesdata op een andere manier.
Terminatie fout.
De CAN-bus kan hierdoor instabiel worden.
Resolutie als nauwkeurigheid behandelen.
Meer bits betekenen niet automatisch meer absolute nauwkeurigheid.
Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over CANopen encoders

Wat is een CANopen encoder?

Een CANopen encoder communiceert positie- en afhankelijk van uitvoering aanvullende gegevens via een CANopen-netwerk.

Is CAN hetzelfde als CANopen?

Nee. CAN is de onderliggende communicatietechniek. CANopen voegt onder andere apparaatprofielen, netwerkmanagement en datamodellen toe.

Wat is CiA 406?

CiA 406 is een CANopen device profile voor encoders.

Wat is het verschil tussen PDO en SDO?

PDO wordt vooral gebruikt voor procesdata en SDO voor toegang tot parameters en objecten.

Wanneer heb ik een multiturn encoder nodig?

Wanneer de absolute positie over meerdere omwentelingen bekend moet blijven.

Kan iedere CANopen encoder een andere vervangen?

Nee. Mechanische afmetingen, elektrische aansluiting, resolutie en CANopen-configuratie moeten eveneens passen.

Technisch advies

Een CANopen encoder selecteren of vervangen?

Indusen kan een bestaande encoder identificeren of verschillende oplossingen vergelijken op mechanica, communicatie, beschikbaarheid, integratie en technische geschiktheid.


Welke encoder kies je? Incrementeel, absoluut, singleturn, multiturn, holle as en meetwiel uitgelegd