De juiste sensor hangt af van meer dan alleen bereik
of detectieafstand. In de praktijk spelen ook
producteigenschappen, snelheid, montage, achtergrond,
vervuiling, nauwkeurigheid en interface een belangrijke rol.
Zo kan in de ene toepassing een
inductieve sensor
de beste keuze zijn, terwijl in een andere situatie juist een
ultrasone sensor,
lasersensor
of
meetsensor
nodig is.
Bij nauwkeurige lineaire positiemeting kan bijvoorbeeld een
LVDT sensor logisch zijn,
terwijl Eddy Current
juist sterk is bij contactloze dynamische meting op metalen targets.
Voor roterende machines helpt onze keuzehulp voor
trillingssensoren en condition monitoring
bepalen of 4–20 mA, IEPE, velocity of een meerassige meting past.
Door de toepassing centraal te zetten, wordt de kans op foutieve selectie,
instabiele detectie of onnodige stilstand kleiner.